Archief Ploos van Amstel

IXc2. Boudewijn Ploos van Amstel

IXc2 Boudewijn Ploos van Amstel, geb. Amsterdam 26 maart 1687, poorter van Amsterdamdd. 20 jan. 1722, impostmeester voor gemaal (1714), voor buitenlandse tabak (1720), voor turf en kolen (1726), ingeland van Hoog‑Bijlmer, firmant Lohoff en gebr. Ploos van Amstel, overl. Amsterdam 5 sept. 1758, tr. (GK) Amsterdam 5 april 1737 Geertruy Grim, geb. Amsterdam 16 sept. 1690, overl. Amsterdam 19 maart 1763, dr. van Coenraad Grim en Eva Colonius

Vegtlust, Oud Over 3 in bezit van Boudewijn Ploos van Amstel (en later ega) van 1738-1763.

Heerenhuizinge en hofstede genaamd Vegtlust, met getimmerde, bepoting en beplanting, met het land daarachter, groot 15 morgen en 2 roeden waaronder 700 roeden veenland, staande en gelegen in het gerecht Loosdrecht en Loenderveen overgegaan op Boudewijn Ploos van Amstel op 14 mei 1738.

Johannes de Witt de jonge enige zoon van broer Jan Grim Coenraadszn. en Hillegonda de Wit, erft de hofstede ‘genaamt Vegtlust met desselfs heerenhuijzinge thuijnmanswoninge koetshuijs en stallinge […]’ overgedragen 3-11-1763 (GAA-NA 11171) (in testament BPvA & GG 1769 waarde ƒ13.885: 2: 8)

Hellingrust, Oud Over 5 in bezit van Boudewijn Ploos van Amstel (en later ega) van 1741-1763.

Een ‘plaisierplaatsje met zijn huyzinge genaamt Hellingrust’, gelegen naast voornoemde hofstede, strekkend van de Vechtdijk tot in de rivier de Vecht (in testament BPvA & GG 1769 waarde ƒ2.261:13: --). Dit plaatsje ’ nog zijnde een scheepstimmerhelling’ met zijn huis is getransporteerd aan Boudewijn Ploos van Amstel door Pieter Rijken Roos op 26 januari 1741. Het is verhuurd aan de heer Mr. Jan Mijnsen junior tot mei 1764.

Verkocht en over te dragen aan Hendrik Vlot 3-11-1763 (GAA-NA 11171)

Uit o.a. het testament d.d. 3-2-1769 van Boudewijn Ploos van Amstel (Amsterdam 1687-1758) en Geertruij Grim (Amsterdam 1690-1769) (GAA- NA 11192)

Vegtlust, Oud Over 3 Vegtlust, Oud Over 3